Sugar Daddies azen op Jonge Honden

Gepubliceerd op

2015 sugar daddyIn een artikel in de Volkskrant van 8 augustus beschrijft Eric van den Outenaar in zijn artikel “Start-ups zijn prima innovatiemotor denken Eneco, Aegon en KPN”; hoe grote concerns (ik noem ze even ‘sugar daddies’) samenwerking zoeken met of investeren in startende bedrijfjes “ waarvan de oprichters vaak net uit de schoolbanken zijn en nog geen ervaring hebben met het runnen van een bedrijf”. Grote zakken geld staan klaar.

Jonge Honden
Enerzijds hebben de ‘sugar daddies’ bewondering en waardering voor de impulsieve manier waarop de jonge starters te werk gaan, anderzijds beseffen zij dat hun eigen vaak verkalkte structuur zoiets niet toelaat. Daarom maar jonge honden omarmen, die binnen de kortste keren in die structuren verstikt raken. RIP.

Spoorzoeken in de Volkskrant

Gepubliceerd op

SpoorzoekenVanochtend las ik ‘m weer, de papieren weekendeditie van de Volkskrant, bij het ontbijt.
Dat begint met spoorzoeken. Leuke aankeilers op “de één”, maar waar kan ik er méér over lezen? Geen verwijzende paginanummers, zoals in de doordeweekse digitale edities. Terwijl het daarin juist minder zin heeft, tenzij je er ‘links’ aan toevoegt.

Hoe komt dat? Denkt de redactie soms dat de lezers in het weekend twee dagen de tijd hebben om te spoorzoeken? Om het hele weekend de krant op te pakken en weer weg te leggen?

Of volgt de krant in het weekend de gewoonte van de publieksbladen die in de kiosk met uitdagende beweringen op de omslag de aandacht van de potentiële koper proberen te trekken en zich niet zo bekommeren om de vraag of de “content” wel gelezen wordt. Eerst kopen. Daarna mag je zoeken.

Bij vakbladen ligt dat anders. Geen infotainment, maar vak- of praktische informatie. Geen tijd voor spoorzoeken. Zo snel mogelijk naar het doel. Zo efficiënt  mogelijk de lezer vanaf de omslag daarheen leiden.

Ook voor publieksbladen zou dat geen kwaad kunnen. Wie weet verkoopt het zelfs beter. Al eens onderzocht? In ieder geval, baat het niet dan schaadt het niet.

Adieu Blendl, vaarwel PAPER

Gepubliceerd op

ByeByekopieDagelijks krijg ik per mail een overzicht van artikelen die door de inkopers van Blendle als favoriet worden beschouwd. „Must reads”. Na lange tijd was er een hit. Een artikel uit de NRC dat me interesseerde. Over de opleving van de huizenmarkt. Na het lezen dacht ik „had ik het gemist als ik het niet gelezen had?”. Nee.
Dat geldt eigenlijk voor het merendeel van het nieuws dat ik lees. Wat voor Blendl geldt, geldt ook voor PAPER, Myjour, eLinea, PressReader en vele andere digitale kiosken.

Wat bieden zij? Een mandje artikelen uit min of meer grote collecties kranten en tijdschriften. Een nuttige dienstverlening aan (potentiële) lezers, die het artikel anders nooit opgemerkt zouden hebben? Ook voor uitgevers aantrekkelijk, door de kans die zij krijgen een artikel dat zijn functie al eens heeft vervuld nog eens uit te baten? „Second life”.

Wat zijn de digitale kiosken of leesportefeuilles in feite? Handelaren in ‘content’ die door journalisten, redacteuren en uitgevers al voor een ander doel is gemaakt. Zoals handelaren in oud papier die oude kranten en tijdschriften verzamelen en verkopen. Nuttig.