Inflatie, elk nadeel heb z’n voordeel

Gepubliceerd op

In mijn vorige column vergeleek ik de vijftiger jaren met 2022.
De vraag was: wat is beter? Dat de (materiële) welvaart nu beter is dan toen staat als een paal boven water. Maar of het welzijn ook voortuitgegaan is, dat kon ieder voor zich vaststellen. Je wist toen niet beter. En ‘nu’ is geen referentie voor ’toen’.

Maar wat is die welvaart van nu?
Overbodige luxe, overbodige spullen, verwend worden door Thuisbezorgd, ongezond eten, tijdverslindende sociale media, intensief vliegverkeer, een aanzwellende klimaatcrisis, zich snel verspreidende pandemieën, een groeiende kloof tussen arm en rijk, etc.
Arjen van Veelen beschreef dat onlangs heel overtuigend in zijn essay “Help ik wil weg uit de wegwerp cultuur” (NRC 8 dec 2022)

Wegwerpcultuur en verzamelwoede (‘hoarding‘)

Is welzijn ook toegenomen?
Heeft de groei van de welvaart een evenredige groei van het welzijn en het geluk tot gevolg gehad?
Er is nu meer stress. De stress van de prestatiemaatschappij, die zich uit in de toename van burnouts, de obsessie van de ‘hedonistische tredmolen’, ‘mimesis’ (‘keeping up with the Joneses’), die als reactie het ‘quiet quitting’ oproept: “ik kom om negen uur en klap om exact vijf uur mijn laptop dicht. Morgen is weer een dag”.

Brede welvaart
Volgens een recent CBS rapport is de brede welvaart in 2022 op veel onderdelen gelijk gebleven of toegenomen. Op veel plaatsen in Nederland nam de brede welvaart toe op de onderdelen materiële welvaart, arbeid en vrije tijd, en veiligheid.

Is de welvaart inderdaad breed toegenomen?
Paul Schnabel schrijft hierover in de NRC van 6 december:
“De grootste nieuwe politieke en economische zorg vormt wat inmiddels het ‘precariaat’ is gaan heten. Dat zijn de meer dan tweeënhalf miljoen mensen die door laagbetaald en onzeker werk, werkloosheid, arbeidsongeschiktheid, echtscheiding, lage opleiding, migratie, handicap of een combinatie van deze factoren het nog steeds stijgende welvaarts- en ambitieniveau van het leidende deel van de middenklasse niet kunnen bijhouden”.

Waar gaat het inkomen heen?
Want hoe zit het? Je hebt een laag (netto)inkomen. Een groot deel daarvan wordt opgeslokt door vaste lasten, inclusief energie (halfvast). Wat overblijft is de vrij besteedbare “marge”. Daaruit betaal je in eerste instantie je primaire levensbehoeften: eten, drinken en kleding. Wat daarna overblijft besteed je aan leuke dingen (“luxe”).

Schuivende panelen

En, wat als de vaste lasten stijgen?
Wat gebeurt er? Je inkomen verandert niet, maar je vaste lasten stijgen (inflatie). Je marge versmalt. Eten en drinken worden ook duurder (inflatie). Om nog speelruimte over te houden voor leuke dingen kan je op je eten en drinken beknibbelen. Maar hoe groot is de rek?

Hangt af van je levensstijl
Dat hangt af van wat je gewend bent. Tussen een bemiddelde ‘bon vivant‘ en een geroutineerde armlastige overlever ligt een brede straat.
Als je tot de eerste categorie behoort, die de ‘hedonistische tredmolen’ bewandelt, voortdurend reikend naar méér en méér, dan kan je ‘t nog even volhouden. De overlever echter moet noodgedwongen al snel overschakelen naar de “hongermodus”. Méér consumeren is niet aan de orde. De kloof tussen arm en rijk verbreedt en verdiept zich. Met bijbehorende gezondheidsverschillen (CBS 21 dec). Hoewel overlevers heel vindingrijk kunnen zijn.

Een overlever: op te grote voet leven of nuttig hergebruik?

Voor welgestelden en superrijken, geen vuiltje aan de lucht
Dan zijn er nog categorieën welgestelden en superrijken voor wie er ogenschijnlijk geen vuiltje aan de lucht is. Die hebben een knots van een marge. Veel vliegen, luxe jacht, veel overbodige kleding, tig paar schoenen. Die méér kopen dan nodig is. Voor die categorieën zijn er overigens ook twee scenario’s. (A) Er is niets aan de hand ‘business as usual’. Of (B) het noodlot slaat toe (faillissement, scheiding, onverwachte belastingaanslag, proces wegens ‘sexual harassment’), waardoor ook hun marge verschrompelt en zij misschien zelfs wel degraderen naar de klasse van de overlevers.

Reclame jaagt de consumptie aan, en die weer de productie

Wat betekent dit voor het klimaat?
De overlevers consuminderen noodgedwongen. De bon vivants schakelen ook terug, gaan een tandje lager. Per saldo leidt de inflatie tot consuminderen, wat goed is voor de natuur, de mens en de planeet.
Het gedrag op andere wijze veranderen dan via de portemonnee is zwemmen in stroop. Zo zie je dat “het nadeel van de inflatie ook een voordeel heb” (Vrij naar Johan Cruijf).

Plaats voor 300 asielzoekers

Wat consuminderen voor de medemens
Het is te hopen dat de welgestelden en superrijken, een kleine groep, op hun manier een bijdrage gaan leveren aan het behoud van onze planeet. Bijvoorbeeld door hun superjacht uit de vaart te nemen en het om te laten bouwen tot asielcentrum. Of door voortaan niet wekelijks met hun privéjet naar hun idyllische buiten op de Malediven te vliegen, maar hooguit maandelijks (je moet toch wat). Ja, dat is even slikken en de buikriem aanhalen. Maar je moet toch wat voor je medemens over hebben.
Hallo, hoort u mij?

Edwin Kisman

Wat vond u van deze column?

Wat vond u van deze column?

Heeft u tips of suggesties naar aanleiding van mijn columns?
Mail dan naar: reacties@invalshoek.org



Zie ook deze columns
“Consumptie, het epicentrum van de Apocalyptische cyclus”

“’Tempo doeloe’, terugverlangen naar de jaren vijftig of niet?”

En deze Kerst tip
5 Ways to Save on Your Online Christmas Shopping

‘Tempo doeloe’, terugverlangen naar de jaren vijftig of niet?

Gepubliceerd op

Hoe waren de jaren vijftig? Roept denken daaraan voor sommigen nostalgische gevoelens op?
Ik heb een aantal vertegenwoordigers van de Stille Generatie (< 1945) gevraagd naar hun herinneringen. Verlangen zij terug naar die tijd?
Nederland was toen bezig met de wederopbouw, met steun van Marshall fondsen. Goederen waren schaars, maar de geestdrift was groot. Schouders eronder, niet lullen maar poetsen.

Herinneringen van de ‘Stille Generatie’
De herinneringen die ik kreeg geven een beeld van die tijd. Ik heb een selectie daarvan hieronder opgesomd, in willekeurige volgorde.

* Wij schreven met een kroontjespen en er was een inktpot in de schoolbank
* Dick Bos boekjes lezen gedurende de lesuren die je niet boeiden
* Op de tram springen
* Je handen warm slaan, door je armen om en om op je zij te slaan
* Je adem bevroren op je deken zien
* IJsbloemen op de ruiten

1952:De groentenboer tot aan de voordeur

* De groentenboer en de kolenboer aan huis
* Een kolenkit naast de enige haard in het huis
* De melkboer en bakker ook aan huis
* De schillenboer die de schillen ophaalt
* Strenge winters, op Friese doorlopers
* Een telefoon aan een snoer, met een kiesschijf
* Een eigengemaakte radio, een kristalontvanger
* Een pick-up met 78 toerenplaten
* De Vespa en Lambretta scooter
* Briefpost. Zeepost na weken op de bestemming
* Telegrammen. Doodsberichten in één regel.
* Het loonzakje
* Er waren nog badhuizen, men kon daar een keer in de week ‘n bad nemen. 
* Staven ijs halen voor het houten koelkastje, gewikkeld in paardendekens 

1953:De ultieme vrijheid in de 2CV

* Aan de radio gekluisterd zitten, luisteren naar AFN, Amerikaanse Jazz.
* Dixieland (Dutch Swing College Band), Miles Davis, etc.
* Op de radio de bonte, bonte, bonte dinsdagavondtrein !
* Monus, de man op de maan (hoorspel)
* Godfried Bomans en anderen zondagavond op de radio
* Fiets met blokken op de trappers
* Bij feestjes sigaretten in een glas op tafel
* Hooien met paard en wagen en hooivorken
* Autonummers opschrijven
* Jarretels, plusfours en maandverband wassen
* Het touwtje uit de brievenbus
* De PC Hooftstraat om je gewone boodschappen te doen (slager, bakker, enz.)

En, typerend voor de Stille Generatie:
“Een mooie tijd. Geweldige arbeidsethos. We wisten niet beter, konden en wilden niet beter. 48-urige werkweek. Twee weken vakantie. Na school en opleiding meteen aan het werk.”

Een mooie tijd. Geweldige arbeidsethos

Was de tijd van toen echt een mooie tijd?
Een mooie tijd? Wat zeg ik, het was een “mieterse” tijd. Maar hoe is die tijd vergeleken met nu?
Een antwoord op deze vraag is niet zomaar en ook niet eenduidig te geven. Je kan ‘t proberen door de volgende alternatieven tegen elkaar af te wegen. Probeer aan de hand daarvan te zien in welke tijd je zou willen leven.
Ben je tevreden met het ‘nu’ of zou je naar de vijftigerjaren terug willen? Dat kan natuurlijk niet, maar je zou wel sommige zaken terug kunnen halen. Al vergt dat wel wat verandering van ons gedrag, en daar zijn we niet erg goed in.

Voor welk alternatief ga je: terug naar ‘tempo doeloe‘ of niet?
Bekijk de volgende vragenlijst. Waar kies je voor? Voor het vroegere of voor het nieuwe:
* Een ontspannen leven of meer stress en burnouts?
* Meer kou in huis of vloerverwarming?
* Meer vrije tijd of meer ‘social media’ tijd?
* Meer fietsen of meer vliegen?
* Een vakantie op de Veluwe of een wereldreis?

1955:Zwarte Piet in een resto aan het Kleine-Gartmanplantsoen in Amsterdam

* Een Zwarte Piet of een Roetveeg Piet
* Zeilen op het IJsselmeer of een cruise naar Zuid Afrika?
* Een dagje naar Artis of een safari op de Serengeti?
* De groentenboer aan de deur of online bestelde en bezorgde boodschappen?
* Zelf je maaltje koken of een confectiemaal door Thuisbezorgd laten brengen?
* Kodak kiekjes of deepfakes?
* In de stad winkelen of online bestellen?
* Echt nieuws of nepnieuws?
* Echte vrienden of Insta volgers?

2019:Ubud Bali,conversatie in het ‘nu‘

* Een ‘face2face’ gesprek of online ‘chatten’?
* Je geliefde tegen het lijf lopen of op Tinder voorselecteren?
* Ter plekke jullie rekening delen of naderhand Tikkies sturen?
* 16 delen Winkler Prins encyclopedie of Wikipedia en Google?

Er zijn vast nog meer verschillen te bedenken, maar wat zeg je op basis van je bovenstaande keuzes:
(a) ik zou graag terug willen naar de vijftiger jaren,
(b) ik vind het ‘nu’ prima,
(c) ik zou graag sommige zaken uit de vijftiger jaren in het ‘nu’ willen zien.
Als dat laatste het geval is: probeer daar dan wat aan te doen!

Face2face, toch wel gezellig, ja? Proost!

Bijvoorbeeld, met een wijntje praten met echte vrienden, op een mooie zomeravond.
Succes met je ‘resetting‘.


Edwin Kisman
Wat vond u van deze column?

Wat vond u van deze column?

10

Heeft u tips of suggesties naar aanleiding van mijn columns?
Mail dan naar: reacties@invalshoek.org

Lees ook deze column
“Nostalgie: terug naar een verloren Paradijs” 4 mei 2022

Wat kan je doen met de tijd die je hebt?

Gepubliceerd op
The One Armed Time Bandit

De tijd die je hebt is een soort vermogen, immaterieel. Een bezit waarmee je van alles kunt doen. Je kan het zelf gebruiken maar je kan het ook verkopen. Wat tijd precies is, is niet duidelijk. Veel denkers en doeners hebben zich over deze vraag gebogen. Met even zovele visies en verklaringen. De klok, de ‘one-armed time bandit’ houdt ons in het gareel.

Waarover beschikken wij?

Grofweg is de tijd waarover wij beschikken in te delen in drie categorieën: slaaptijd, werktijd en de vrij te benutten tijd. Dat laatste blijft over als je van de totaal beschikbare tijd slaap- en werktijd aftrekt. Voor werkenden blijft er, bij een vijfdaagse 36 urige werkweek plus 10 uur reistijd, per week grofweg 66 uur “vrije” tijd over. Wat doe je daarmee?

Slaaptijd

Om te beginnen, de slaaptijd. Door de bank genomen heb je na je kleutertijd per dag zo’n 8 uur slaap nodig. Dat is inderdaad noodzakelijk omdat in die periode het lichaam zich herstelt van de inspanningen van de dag. Slaap dient om onze motor en ons brein in conditie te houden.

Werktijd, verkochte tijd

Na de slaap houd je per dag nog uur 16 over. Tijdens je werkzame periode verkoop je een deel daarvan, doorgaans 7 à 8 uur per dag, aan een door jou gekozen koper. Een bedrijf of andersoortige organisatie. Jij stelt je tijd beschikbaar en levert daarin diensten. De koper betaalt daarvoor. Tegen een tarief dat tevoren overeengekomen is.

Verschillende tarieven

Hoe hoog dat tarief is verschilt nogal. Lucian Grainge, bestuursvoorzitter van de Universal Music Group, verdiende vorig jaar € 274,3 mln (Volkskrant 20 augustus). Laat hem een hardwerkende baas zijn, die 50 weken @ 70 uur werkt dan is dat totaal 3500 uur tegen een tarief van € 78.371 per uur. Zet dat af tegen diegenen die onder de armoedegrens leven, die per dag 10 uur of meer werken en die net € 1,70 per dag verdienen, dus maximaal € 0,17 per uur. Of vergelijk dat met het minimumloon van € 10,41 , voor 21+ jarigen, met een werkweek van 40 uur.

___________________________________
“Lucian Grainge verdiende € 78.371 per uur”
___________________________________

Beperk de verkoop

Verkoop zoveel maar niet méér tijd dan je nodig hebt om je uitgaven te financieren. Verminder de noodzaak om veel tijd te verkopen door je uitgavenniveau te verlagen of door je te bekwamen in ‘time management’. Je kan ook proberen je tarieven te verhogen. Houd zoveel mogelijk resttijd over. Het kan zijn dat je langzaam aan meer tijd wil overhouden voor andere zaken. 

Een groot deel van Generatie Y (twintigers en dertigers) leeft daar al naar. Dat wil zeggen, ze leveren de verkochte tijd, maar ook geen spatje meer. Er is al een term voor: ‘Quiet quitting’. “Extra inspanning leveren om anonieme aandeelhouders nog rijker te maken? No way!”

Resttijd

Andere zaken? Wat aan tijd overblijft, zo’n 66 uur per week, besteden we aan de vervulling van persoonlijke behoeften. Dat kan ontwikkeling zijn, zoals onderwijs en sport (gezond), het onderhouden van sociale contacten of ontspanning. Het gevaar van stress, door personeelstekorten, burnout, uitval steekt de kop op. En daarmee een roep om onthaasting. Bijvoorbeeld in de vorm van lanterfanten, lummelen of niksen. Een gruwel voor de verstokte ‘workaholic’, maar toch wel productief. Géén tijdverspilling. Bedoeld om ruimte in je hoofd te scheppen. 

Lekker luieren en goede ideeën uit de wolken plukken. Zoals Einstein dat deed.

Niksen
Niksen, lanterfanten of lummelen kan extra kracht en motivatie geven en het kan de creativiteit stimuleren. Ook de produktiviteit verhogen.
Een paar beroemde praktiserenden. Albert Einstein kon lang in het gras liggen en naar de wolken kijken. Kreeg zó z’n eureka momenten. Jack Welch, de twee jaar geleden overleden CEO van General Electric, reserveerde dagelijks een uur om, voor het raam zittend, naar buiten te kijken. In afwachting van zijn eureka’s. Er is veel geschreven over lanterfanten, lummelen en niksen.

Vakantie

Vakanties, een vorm van onthaasting, beleven dit jaar een inhaalslag, maar zullen door de sterk gegroeide inflatie ongetwijfeld een terugslag krijgen. Want vroeg Peter de Waard zich onlangs in de Volkskrant (14 juli) af: “Is vakantie een primaire levensbehoefte?”.

Wat is tijd?

Tenslotte toch nog even: wat is tijd? Daar heb ik  geen duidelijk antwoord op gevonden.
Jeremy Rifkin bijvoorbeeld definieert tijd niet, in zijn boek “De grenzen van de tijd. De cruciale rol van tijd in ons leven”, maar houdt een pleidooi voor een nieuwe tijdspolitiek. Terug naar de natuur, naar een ecotijd. En van groot, terug naar kleinschaligheid, naar sneller is niet beter. Zijn boek verscheen in 1987, 15 jaar na het rapport van de Club van Rome. En hoe is ’t nu? Veel groter, veel sneller, veel klimaatvijandiger.

De tijd begint bij de Oerknal en spiraliseert steeds sneller daarvandaan

Het verloop van de tijd visualiseer ik als een spiraal, die vanuit de oerknal, steeds verder uitdijt. Waarin de tijd steeds sneller gaat. Elke gebeurtenis heeft een plek op deze spiraal, laat z’n sporen er op na.

Conclusie

Gebruik je tijd goed. Verkoop ‘m voor een zo hoog mogelijke prijs zodat je zelf tijd van een ander kan inkopen, die je rotklusjes overneemt en jou de ruimte geeft om te niksen! En andere leuke en bevredigende dingen te doen. Social media bijvoorbeeld:) 

Goed idee? Ja toch?

Edwin Kisman

Wat vond u van deze column?

Wat vond u van deze column?

Heeft u tips of suggesties naar aanleiding van mijn columns?
Mail dan naar: reacties@invalshoek.org