Verkeer op Bali, is als een zwerm spreeuwen

Een zwerm spreeuwen, synchroon vliegend

Groepen van soms duizenden spreeuwen die in de schemering synchroon en in complexe, vloeiende patronen door de lucht bewegen. Ze vliegen niet in een vaste formatie, maar reageren continu op hun zeven naaste buren, waardoor de zwerm zonder botsingen steeds van vorm verandert. Een fascinerend verschijnsel.
Het verkeer op Bali doet daaraan denken.
Hoe anders is dat in Nederland. Of zelfs in Jakarta. Ik herinner me dat oversteken daar, op sommige plekken, een sprint voor je leven was. Bij groen licht voor voetgangers begon het al: rennen. Halverwege kreeg het verkeer weer een ‘go’ en kwam een muur van motorfietsen op je af. Meestal haalde je het, op het nippertje.

Wachtende drukte

Op Bali gaat het anders.
Op smalle wegen staan auto’s half op de rijbaan geparkeerd. Het verkeer wacht tot de weg vrij is, tot tegenliggers gepasseerd zijn. Ook keren op een smalle tweebaansweg? Het gebeurt gewoon. De rest wacht wel.
In een file is het een kwestie van rustig afwachten. Soms schuift iemand voorzichtig een stukje op, als er ruimte ontstaat. En de onderlinge afstand in de stad? Die is minimaal. Op de millimeter, lijkt het soms. Misschien wat overdreven, maar meer dan een paar decimeter is het niet. En toch gaat het goed.
Ik zat naast onze vaste gids en chauffeur, Wayan Suweca en keek ernaar. Vol verbazing.


Ogenschijnlijk een warboel

Als een zwerm spreeuwen
Het verkeer lijkt op een zwerm spreeuwen. Rijdt gecoördineerd, zonder zichtbare regie. Iedereen anticipeert voortdurend op elkaar. Men lijkt elkaars beweging te voelen. Er is geen centrale controle, maar wel samenhang. Regels zijn er minder leidend dan in Nederland. Geduld des te meer.

Claxonneren is communiceren
Claxonneren is er geen uiting van ergernis, maar een vorm van communicatie. Een korte toeter om aan te geven dat je eraan komt, wilt invoegen of gaat passeren. Dat is genoeg. Geen middelvinger, hooguit een duim omhoog als bedankje. Het verkeer is minder een strijd, meer een gesprek: “Ik ben hier”, “Let even op”, “Ik ga er langs”. Een soort akoestische richtingaanwijzer.
In Nederland klinkt de claxon vaak anders. Meer als correctie: “Dit mag niet”, “Schiet op”, “Let op!” De nadruk ligt hier sterker op regels, terwijl die op Bali meer ligt op interactie. Het verschil tussen strak afgebakende kaders en voortdurend afstemmen op elkaar.

Harmonie en tolerantie

De Balinese cultuur
Misschien hangt dat samen met iets breders. In de Balinese cultuur speelt harmonie een belangrijke rol. Conflicten worden liever vermeden dan uitgevochten. Respect en beleefdheid wegen zwaarder dan gelijk krijgen. Tolerantie is geen ideaal, maar dagelijkse praktijk.
In Nederland bepaalt het systeem van regels in hoge mate het verkeersgedrag. Wie daarvan afwijkt, zit fout — en dat roept al snel irritatie op.

Kan ’t anders?
Het roept de vraag op of het ook anders kan. Of verkeer niet alleen een kwestie van regels is, maar ook van onderlinge afstemming. Van ruimte geven, in plaats van nemen.
Op Bali lijkt het te werken. Niet perfect, maar opvallend soepel. Minder strak gereguleerd, maar niet chaotisch. Meer als een zwerm — voortdurend in beweging, maar zelden botsend.

Edwin Kisman

1 reactie

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *