Wat doe je als je op een dag je afvraagt: ”waar ben ik mee bezig? Is dit wat ik wil?” Dag in dag uit naar kantoor. Rapporten bestuderen. Rapporten schrijven. Mensen aansturen, die zich afvragen ”waar ben ik mee bezig?”
Heel langzaam kan die drang groeien. Je denkt, “ik gooi het roer om”. De daad blijft echter nog uit.
Stoppen met dit! Maar, wat dan? Waar word ik gelukkig van? De rest van mijn leven.
Wikken en wegen
Die drang krijgt vorm. Je hebt intussen een idee. Je wikt en je weegt. Je rekent, je kijkt en vraagt om je heen.
Je gaat langzaam door. Went aan het idee. De worst die je jezelf voorhoudt wordt steeds aantrekkelijker. En dan, dan komt de dag dat je de sprong waagt.
Bankier stapt over
Zo ongeveer verging het Rio Vamory (1983) uit Padang Panjang (West Sumatera). Een Indonesische bankier. Bij een van de toonaangevende banken van Zürich. Die zijn bankiersbaan in 2017 opgaf om achter een saté kar te gaan staan, in de straten van het financiële district van Zürich.
Hij was niet gelukkig met zijn werk bij de bank.
Zijn eerste klanten waren mannen in krijtstreep pakken. Zakenlieden. Advocaten en managers van multinationals in Zürich. Aangetrokken door de onbekende geuren die door hun district zweefden. Ze stonden in de rij voor de lunch. Genoten van de ene spies kipsaté na de andere. Een smaak die in geen enkel restaurant in de stad te ervaren was. Merkten pas later hoe de rook aan hun kleren was blijven hangen. Het zij zo, het loon van het genot.
De Neue Züricher schreef er over
Ik kreeg het verhaal toegestuurd van een lezer uit Jakarta. Over een artikel in de Neue Zürcher Zeitung. Een hele pagina in een Zwitserse kwaliteitskrant. Geschreven in het Indonesisch. Dat ik niet meer zo beheers, dus hulp gezocht bij Google Translate.
Een prachtig verhaal over inkeer. Over je geluk vinden en het volgen. Niet impulsief maar na uitgebreide exploratie. Wikken en wegen. Berekenen. En dan toch.
Zorgvuldig voorbereid
Rio had jaren over de beslissing nagedacht. Tijdens zijn studietijd had hij een scriptie geschreven over ‘foodtrucks’. Lang voordat hij de bank verliet, had hij alles gepland. Hoe het kapitaal bijeen te brengen, een ‘crowdfunding’ op te zetten. De regelgeving voor straatverkoop in Zürich bestuderen. Uitzoeken hoe hij de authentieke Indonesische saté het beste kon presenteren, in een stad waar dit onbekend was.
Het Rotterdamse Sate-lab
Ik ken dat gevoel. Zoeken naar bezig zijn waarbij je je gelukkig,‘senang’, voelt.
Dat is me vier decennia lang gelukt. In de tijdschriften business. Informatie vergaren, teksten maken, visualiseren, tekst en beeld integreren. Wetenschaps- en technische journalistiek. Zelf doen, managen. Heerlijk, ‘senang betul’.
Van droom tot werkelijkheid
Maar altijd bleef bij mij op de achtergrond die droom sudderen. Een klein restaurant. Sateetje, biertje. Meer niet, overzichtelijk. Saté, icoon van de Indonesische keuken.
’t Kwam ervan. Met mijn zoon Daan realiseerde ik die droom. De geur van ‘arang’ rook, de smaak van Sateh Ayam. Maar vooral van Sateh Babi, het summum, dat Rio met zijn Islamitische achtergrond niet zou roosteren.
Het werd de Sate-man en het Sate-lab. Een laboratorium, toepasselijk, een werkruimte en voor mij een ‘hommage’ aan mijn chemisch verleden. Waar prima saté werd gemaakt. Volgens oud recept.
De Beste saté zelfs, uiteindelijk gerealiseerd door Daan.
Ik kon de ‘carrière switch’ van Rio begrijpen.
Edwin Kisman
Wat vindt u van deze column?
Deel deze column met je vrienden
Naschrift
Het artikel “Die Geburtsstunde des Mister Satay” , ondertitel “Ein Banker als Poulet-Spiesschen-Produzent”over Rio Vamory werd gepubliceerd in de Neue Zürcher Zeitung van 1 december 2016. Hij had ontslag genomen bij de Six Swiss Exchange waar hij Key Account Manager was. Op 25 mei 2017 opende hij zijn lunchstand aan de Neufrankengasse. Op 25 juni 2017 stopte hij ermee vanwege ziekte in de familie.


Wat een mooi verhaal, Edwin! En complimenten ook voor Daan, en veel succes.
Een geweldig mooi verhaal Spreekt me zeker aan
en kan me daar alles bij voorstellen ,
We kennen de sateman uit Jakarta uit ervaring, hij kwam thuis bij een kleine partij. Dat jij en Daan dat oppakken in Rotterdam,waarom niet de Haag?, geweldig. We zochten het adres en wilden daar langs gaan maar dat lukt helaas niet meer.