Een gesprek op straat. Tussen twee jongeren, Joris en Hamza, genZ.
Vlak bij hen staat Herman. Stille Generatie. Hij luistert, met klapperende oren. Hij snapt geen bal van wat er gezegd wordt.
Het gesprek:
Joris:”Bro, die date van gister?“
Hamza: “Nah, ik was lowkey cooked.“
Joris: “Geen rizz?“
Hamza: “Negative aura. Ze ghostte me mid-convo.“
Joris: “Crazy work.“
Waar gaat het over? (Voor de vertaling kijk aan het eind van deze column)
Wie overleeft?
Een conversatie zeventig jaar eerder, Dirk: “Deksels, wat een mieters weer. Gooi dat dakje van je eend maar open, Klaas”.
Hoe kan een taal als dat van Hamza en Joris (“straattaal”) ontstaan en woorden als die van Dirk verloren gaan?
Taal lijkt hetzelfde mechanisme te volgen als alle leven op aarde, als de ontwikkeling van ideeën en als de uitkomst van inspiratie. Het gaat om “Survival of the fittest”. Alleen de best aan het ecosysteem aangepaste overleeft. De rest gaat onderuit, verdwijnt. Een evolutietheorie ontwikkeld door Charles Darwin, met Alfred Russel Wallace als eigentijdse ‘sparring partner’.
Schrijven volgt ook Darwin
Ik merk dat ook tijdens het schrijven er steeds nieuwe “mutaties” ontstaan. Gedachten, voorbeelden, zijpaden, grappen, citaten en observaties. De meeste halen de eindstreep niet. Sommige blijken doodlopende wegen. Andere zijn aardig maar leiden af. Weer andere blijken ineens precies te passen bij het onderwerp.
Zo verloopt de selectie tijdens het schrijfproces.
De romantische gedachte is ook dat grote producten ontstaan uit briljante ingevingen. De werkelijkheid lijkt meer op Darwin. Proberen, falen, aanpassen en opnieuw proberen. Niet de slimste ideeën winnen, maar de ideeën die zich het best aanpassen aan hun omgeving.
Generatiekloof
Taal verandert voortdurend. Woorden verdwijnen, krijgen nieuwe betekenissen of muteren tot iets totaal anders. Woorden overleven, worden ‘mainstream’. “Zeg maar”, door (vrijwel) alle generaties gebruikt.
Een Nederlander uit 1995 herkent bijna alle woorden in de eerste conversatie. Iemand uit 1950 zou zich afvragen of er gisteren een ongeluk is gebeurd. Een generatiekloof.

Straattaal
Joris en Hamza spreken straattaal. Een taal die in Amsterdam is ontstaan, in de jaren tachtig. Doorgebroken in de jaren negentig. Opgekomen in een multiculturele samenleving. Een smeltkroes van talen waaruit woorden voortkwamen, die geaccepteerd werden en gebruikt worden. Die de toets overleefd hebben. Overleving van de best aangepaste.
Elke generatie denkt dat de taal van jongeren een tijdelijke ontsporing is. Vaak wordt zo’n ontsporing standaardtaal. Misschien is “rizz” over dertig jaar net zo normaal als “cool” nu.
Internettaal
Vroeger kwamen nieuwe woorden vaak uit literatuur, religie, politiek of vakgebieden. Nu komen ze uit TikTok, Discord, Twitch en groepschats.
Breder dan straattaal zijn, gespreid over generaties, nieuwe woorden afkomstig van de internetcultuur. Algemeen aanvaard en ‘mainstream’ geworden.
Meme
Een van de eerste woorden waarover ik struikelde was het woord ‘meme’. “Hè”, dacht ik ”wat is dat?”.
Oorspronkelijk komt het woord van Richard Dawkins uit zijn boek ‘The Selfish Gene’.
Daar betekende een meme, een cultureel idee dat zichzelf verspreidt zoals genen dat biologisch doen. “Meme” betekent nu bijna een idee met virale sociale energie. Een plaatje, een uitspraak of een video die rondgaat.
Dus eigenlijk is het woord zélf een meme geworden. Dat zou Dawkins waarschijnlijk geweldig én verschrikkelijk tegelijk vinden.
Snel opkomen of verdwijnen
Jongeren die “Darwin” nooit gelezen hebben, leveren er dagelijks het bewijs van. Hun woorden muteren, concurreren en verspreiden zich. Sommige verdwijnen na een paar maanden. Andere worden mainstream. Waar vroeger de opkomst generaties duurde, gebeurt dat nu in maanden. Dankzij de sociale media. Sneller dan in Darwins’ ‘On the Origin of Species’ .
Taal, ideeën, memes en zelfs schrijven gedragen zich evolutionair.
Edwin Kisman
Vertaling van de conversatie in de intro van deze column.
Joris: Hoe ging je afspraak gisteren?
Hamza: Niet best, ik zat er helemaal naast.
Joris: Kon je niet goed flirten?
Hamza: Ik maakte geen goede indruk. Ze verloor tijdens het gesprek al haar interesse.
Joris: Dat is wel pijnlijk.





Wat goed dat de vertaling erbij staat! Ik had de illusie dat ik het een en ander wel grotendeels begreep. 😂😂😂 nee dus ….
Leuk en nuttige invalshoek !!
Heel lollig, geinig, koddig, grappig, leutig… uh…? haha!